vrijdag 28 februari 2014

David en zijn nageslacht

2Samuël 22:51
'Hij schenkt zijn koning grote uitreddingen, en betoont trouw aan zijn gezalfde, aan David en zijn nageslacht voor altijd.'

Aan het einde van zijn leven, bezingt koning David Gods trouw. Hij roemt Gods trouw aan hem en aan zijn nageslacht. Daar moest ik even over nadenken, want ook Paulus schrijft over het nageslacht van David en legt uit dat dat Christus is. Jezus is geboren uit het koninklijke geslacht van David. Hij is de laatste opvolger van David, omdat Hij eeuwig leeft. Wanneer Jezus op aarde terugkeert en Zijn koningschap in Jerazalem zal vestigen, is dat een rechtmatige daad. Tot die tijd is elke koning in Israël illegaal. God is trouw aan David en zijn nageslacht en ook aan ons, want wij zijn van Christus. God schenkt zijn koning grote uitreddingen, zegt de tekst van vandaag. David is gered, maar nog veel meer is Christus gered van de dood, en wij in Hem. Zoals er voor Jezus letterlijk een opstanding was uit de dood door Gods trouw, zo geldt dat ook voor de Zijnen, voor ons dus, die in Hem geloven. We zijn met Christus opgestaan en leven nu bevrijd van elke vijand onder Gods gunst en goedkeuring.