maandag 31 maart 2014

Jezus laat je de Vader zien

Johannes 12:44
'Jezus riep en zeide: Wie in Mij gelooft, gelooft niet in Mij, maar in Hem, die Mij gezonden heeft;'

Met deze woorden maakte Jezus duidelijk, dat Hij de beloofde Messias was. Hij sprak niet uit zichzelf, maar Hij sprak de woorden die de Vader Hem had ingegeven. Hij handelde in opdracht van de Vader, zonder Hem kon Hij niets doen. Veel tijdgenoten van Jezus geloofden in God, maar niet in Jezus. Dat is vreemd, want keer op keer had Jezus bevestigd, dat Hij het was die komen zou. Zijn woorden en werken getuigden van Hem. Johannes de Doper kreeg als antwoord op zijn vraag: ‘Bent u het?’ ‘De ogen van blinden worden geopend, lammen gaan lopen en zelfs doden worden opgewekt. ‘ Het was de traditie die had uitgedacht hoe de Messias zou zijn. Dat beeld klopte niet en in plaats van hun idee├źn bij te stellen, wezen ze Jezus af. Hij kon het niet zijn. Dat gevaar bestaat nog steeds, maar het is Jezus die naar de Vader verwijst. Hij herstelt het beeld van God met de woorden: wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Ik en de Vader zijn een. Je kan niet in God geloven en Jezus afwijzen. Hij laat je zien in wie je gelooft.