zaterdag 2 augustus 2014

Geloof in plaats van werken

Romeinen 3:27
‘Waar blijft het roemen dan? Het is uitgesloten. Door welke wet? Der werken? Neen, maar door de wet van geloof.’

Alle roem is uitgesloten, zijn de woorden uit een oud lied. Waarom is roemen uitgesloten? Omdat er niets te roemen valt. Niemand kan ook maar enige staat maken op roem, het is alles genade. God heeft alles gedaan en God doet alles. Er is werkelijk niets bij te dragen aan de verlossing en herschepping van de mens. Van zondaar tot zoon van God, het is uitgesloten dat wij daarbij kunnen helpen. Ons gedrag, onze wil, onze goede bedoelingen, ze hebben er geen enkel effect op. Gelukkig is er ook een andere kant, namelijk dat onze fouten en gebreken er ook geen invloed op hebben. Anders dan onder de wet van Mozes, vraagt God van ons geen goed gedrag, maar goed geloof. Goed gedrag is niet mogelijk, maar goed geloof wel. Niet dat wij door ons geloof iets voor elkaar kunnen krijgen, want dan zouden we toch kunnen roemen, maar ons geloof aanvaardt, dat we alleen ontvangers zijn. We ontvangen vergeving, verlossing, bevrijding, zegen en kracht om niet. Al Gods gunstbewijzen stromen een kant op, naar ons toe. Het enige wat voor ons overblijft is dat we God danken voor zijn overvloedige genade.