dinsdag 10 april 2018

Onze goede Vader

MattheĆ¼s 19:13-14
‘Toen werden kinderen tot Hem gebracht, opdat Hij hun de handen zou opleggen en bidden; doch de discipelen bestraften hen. Maar Jezus zeide: Laat de kinderen geworden en verhindert ze niet tot Mij te komen, want voor zodanigen is het Koninkrijk der hemelen.’

God is een Vader die kinderen wil. Jezus was Zijn eniggeboren Zoon. Inmiddels zijn er door Hem miljoenen zonen en dochters geboren uit God. Het koninkrijk van God is bedoeld voor zonen en dochters van God. Dat wil niet zeggen dat we klein moeten blijven, dat was Jezus ook niet, maar wel dat we God als Vader moeten leren kennen en gaan leven met Hem als Vader. In het verhaal van de verloren zoon laat Jezus zien wie God als Vader is. Hij vergeeft alle zonden, gedenkt ze niet meer, en wil dat Zijn kinderen genieten van al het Zijne. Zoals kinderen op aarde het vanzelfsprekend vinden dat hun vader hen beschermt en verzorgt, koestert en bewondert, zo is het ook met Gods kinderen. Een aardse vader schiet nog wel eens tekort als het gaat om het geven van liefde en aandacht, maar bij God als Vader krijg je dat alles meer dan overvloedig.