donderdag 27 juli 2017

Opstaan met gejuich

Psalmen 30:5
‘Zijn woede duurt een oogwenk, zijn liefde een leven lang, met tranen slapen we ‘s avonds in, ‘s morgens staan we juichend op.’

Onder het oude verbond kon je je afvragen: ‘Hoe lang moeten we nog gestraft worden? Hoe lang zullen onze vijanden nog over ons heersen?’ Maar in het nieuwe verbond zijn we meer dan overwinnaars. Dan zeggen we: ‘Deze vijand is verslagen door Jezus Christus, dus opzouten. Geen enkele vijand heeft nog het recht me te onderdrukken.’ Deze psalm gaat over Jezus en niet over mij. De uren aan het kruis, de toorn die over Hem heen ging, de tranen die Hij plengde in de avond, duurden een oogwenk in vergelijking met de eeuwige vreugde daarna. Jezus droeg Gods toorn over onze zonden. Door zijn striemen zijn we genezen. Wij mogen juichend deze nieuwe morgen begroeten. We leven voor eeuwig in het licht, omdat Jezus voor ons de duisternis heeft ondergaan en ons zo verlost en bevrijd heeft uit de macht van ziekte, zonde en dood.

woensdag 26 juli 2017

In Jezus zie je Gods glorie

Psalmen 63:5-6
‘Als met vet en merg word ik verzadigd, mijn mond looft met jubelende lippen, wanneer ik Uwer gedenk op mijn legerstede, in nachtwaken over U peins.’

Mooi hè, hoe David Gods goedheid vergelijkt met een overvloedige maaltijd. Vet en merg zouden wij nu niet meer kiezen, maar in de tijd van David moet dat het summum van heerlijkheid zijn geweest. Zijn gedachten worden zo krachtig, dat zijn lippen beginnen te jubelen. Midden in de nacht ligt David te loven en te aanbidden op zijn bed. En dan te bedenken dat David ver voor het kruis leefde. Hij mocht in de tempel niet verder komen dan de voorhof. Toch spreekt hij al over Gods heerlijkheid die hij in de tempel heeft gezien. Welke tempel was dat dan? Geen tempel van steen, want die moest nog worden gebouwd. David was een ziener, een profeet. Hij moet iets gezien hebben van de toekomst, van de heerlijkheid van God die komen zou. David heeft Jezus gezien, dat kan niet anders. Geen wonder dat hij jubelt, wie Hem ziet, aanschouwt Gods glorie.

dinsdag 25 juli 2017

Het leven is sterker dan de dood

Romeinen 8:6
‘Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede.’

Een van de omschrijvingen van het woord gezindheid is ‘op iemands hand zijn, iemands kant kiezen’. Ons vlees, de natuurlijke mens, kiest de kant van de dood. Dat moet wel, want ons vlees wordt beheerst door de wet van zonde en dood. Paulus schrijft dat hij door die wet doet wat hij niet wil en vraagt zich af: ‘Wie verlost mij?’ Gelukkig weet hij het antwoord en zegt: ‘Gode zij dank, door Jezus Christus.’ De gezindheid van de Geest is leven en vrede. Dat wordt dus wel eens moeilijk kiezen. Beide wetten kunnen we benutten. Kiezen we dood of leven, vlees of Geest? We moeten het niet moeilijker maken dan het is, want een kind van God leeft door de Geest en heeft het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd. Dat betekent dat we niet moeten strijden tegen ons vlees, maar weten dat de dood is overwonnen door het leven. We zijn overgegaan uit de dood in het leven en het geestelijke vervangt meer en meer het natuurlijke. Het is Gods werk in ons om dat tot een goed einde te brengen, vertrouw daar maar op.

maandag 24 juli 2017

God slaat zijn kinderen niet

Job 5:17-18
‘Gelukkig de mens die door God wordt getuchtigd, wijs daarom de straf van de Ontzagwekkende niet af! Want hij verwondt en hij verbindt, hij slaat en zijn handen genezen.’

Wat een ontzettend verkeerd beeld van God wordt hier geschetst door Elifaz, een van de vrienden van Job. Het kwade en het goede worden door hem aan God toegeschreven, ja zelfs wordt het kwade goed genoemd. Dat hoor je ook tegenwoordig nog wanneer iemand iets erg overkomt: ‘God zal er een bedoeling mee hebben.’ Het gevolg is een gelatenheid, een passiviteit ten opzichte van het kwaad. Jezus heeft het over de duivel en Hij noemt hem een rover, een dief, een mensenmoordenaar, die komt om te stelen en te vernietigen. Jezus is gekomen om een einde te maken aan zijn vernietigende heerschappij. De duivel heeft genoeg vernield. De dood heeft geheerst op aarde vanaf Adam, maar door Jezus heerst nu het leven. Wie Hem toebehoort is overgegaan uit de dood in het leven, de duivel heeft geen macht meer over hem. Als iemand is verwond, zal Jezus komen met genezing. Is iemand gevangen, dan brengt Hij verlossing en bevrijding. God is geen Vader die zijn kinderen slaat, Hij is een ontfermer en doet ons niet naar onze ongerechtigheden. Dat wist David al, maar die leefde dan ook veel later dan Elifaz.

zondag 23 juli 2017

Nooit meer dorst

Johannes 4:14
‘Maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven.’

God geeft ons geen fontein maar water. Als dat water in ons komt, omdat we ervan drinken, verandert het in een fontein. Wanneer je een cola drinkt, of een ander koolzuurhoudend drankje, begint zich een luchtbel te vormen in je maag die eruit wil. Zoals het moeilijk is een boer binnen te houden, zo is het nog moeilijker om de fontein van levend water te stoppen. Dat levende water van Gods evangelie heeft zoveel kracht, dat het naar buiten spuit en iedereen in de buurt nat maakt. Wat een heerlijk water van vergeving, van geen oordeel meer, van eeuwigdurende liefde. Naar dat water is iedereen op zoek en God geeft het gratis aan ieder die het wil. Waarom zou je blijven zoeken naar surrogaat, naar tijdelijke vervulling, als je het eeuwige kunt krijgen? Drink van het water des levens om niet en geniet van al dat overvloedige gespetter.

zaterdag 22 juli 2017

Mijn helper is Jezus

Hebreeën 13:6
‘Daarom kunnen wij met vertrouwen zeggen: De Here is mij een helper, ik zal niet vrezen; wat zou een mens mij doen?’

Een mens die veel te vrezen had, was Paulus. Overal waar hij kwam dreigde gevaar. Toch zegt hij: ‘Verheug je altijd in de Heer.’ En op een andere plaats: ‘..dat Christus bij alles wat mij overkomt in alle openheid geëerd zal worden, of ik nu in leven blijf of moet sterven.’ Dat is het geheim, Paulus was bereid te sterven voor Christus. Hij maakte zich er niet zo druk om. Op aarde te zijn was nodig om het evangelie bekend te maken, maar bij de Heer te zijn was verreweg het beste. Veel christenen lijken wel eens te vergeten, dat we op weg zijn naar onze bestemming, dat is voor altijd bij de Heer te zijn. Er wacht ons een heerlijke toekomst bij Hem. God heeft beloofd altijd bij ons te zijn, Hij zal ons niet begeven of verlaten. Daarom kunnen we met vertrouwen zeggen: ik zal niet vrezen, wat zou een mens mij doen.

vrijdag 21 juli 2017

Gods woord bezit Gods kracht

Jesaja 55:10-11
‘Want zoals de regen en de sneeuw van de hemel neerdaalt en daarheen niet weerkeert, maar doorvochtigt eerst de aarde en maakt haar vruchtbaar en doet haar uitspruiten en geeft zaad aan de zaaier en brood aan de eter, alzo zal mijn woord, dat uit mijn mond uitgaat, ook zijn; het zal niet ledig tot Mij wederkeren, maar het zal doen wat Mij behaagt en dat volbrengen, waartoe Ik het zend.’

Gods woord is zo belangrijk voor ons leven. Het bezit de kracht om Gods doel te bereiken, namelijk dat mensen behouden worden. Paulus schrijft dat het evangelie de kracht van God is om ieder die gelooft te behouden. Gods woord, Zijn beloofde verlossing, is vlees geworden in Christus. Heel Gods woord wijst naar Hem vooruit in het oude testament en naar Hem terug in het nieuwe. Gods woord draait om Jezus, de afdruk van Gods wezen. Woorden over Jezus, waarheid over Gods liefde, daalt als regen op ons leven neer. Het maakt harde grond zacht, zodat het meer regen kan bevatten. De grond wordt vruchtbaar en Gods woord gaat vruchtdragen. Mensen veranderen door Gods woord, ontvangen vergeving en liefde door dat woord. Dat woord komt tot zijn doel en dat behaagt God.