donderdag 7 augustus 2014

Een gomer manna

Exodus 16:32
‘Mozes zeide: Dit is wat de HERE geboden heeft: vul er een gomer mee, om het voor de toekomende geslachten te bewaren, opdat zij het brood zien, dat Ik u in de woestijn te eten heb gegeven, toen Ik u uit het land Egypte leidde.’

In de ark moest een gomer manna worden bewaard voor de komende geslachten. Het was een herinnering aan de redding die God uit de hemel had gegeven. Het volk was gered en door de woestijn geleid en God was hun levensbron. Hij gaf water, voedsel, overwinning op de vijanden en genezing. De gomer met manna symboliseerde Gods genade. En hoewel het volk opstandig was en regelmatig rebelleerde, bleef God trouw aan Zijn belofte hen naar KanaƤn te brengen. Ook wij hebben een herinneringsteken, het avondmaal. Brood en wijn vertellen ons dat God ons heeft verlost en dat Hij ons in grote trouw leidt door het leven. Door regelmatig stil te staan bij het volbrachte werk van Jezus, wordt ons hart gevoed met Gods liefde. We leven van Gods trouw en goedheid. Hij zegent ons uit genade, niet uit verdienste. Zelfs als wij ontrouw zijn, blijft Hij trouw, want Hij kan zichzelf niet verloochenen.