maandag 7 december 2015

Een kind van God is geen zondaar meer

1Johannes 3:6
'Een ieder, die in Hem blijft, zondigt niet; een ieder, die zondigt, heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend.'

Over deze tekst kunnen mensen zich grote zorgen maken. Je zou kunnen denken: ik zondig nog, dus ik ben niet in Christus. Maar als ik wel in Christus ben, dan klopt de tekst niet. De meesten zullen zo’n tekst dan maar overslaan, of zich er door veroordeeld voelen. Maar de uitleg is heel eenvoudig en bemoedigend. Wie Jezus heeft aanvaard als Gods Lam voor de zonde van de wereld, is behouden voor eeuwig. Je bent verzegeld met de Heilige Geest en overgezet in het koninkrijk van Gods geliefde Zoon. De enige zonde die nog als zonde wordt aangerekend, is dat iemand niet wil geloven in Jezus. Alle anderen zondigen niet, maar zijn bezig hun denken en gedrag te vernieuwen. Dat daarbij wel eens wat fout gaat, hindert niet. Als iemand Jezus afwijst, dan zondigt hij tegen de waarheid. Zo iemand heeft Hem niet gezien en gekend. Gods oordeel blijft op hem tot hij zich bekeert en wel Jezus aanvaardt als zijn Redder. Samengevat, een ongelovige zondigt omdat hij Jezus afwijst. Een gelovige zondigt niet, maar is rechtvaardig en heilig door Christus. Zo iemand verandert van denken en gedrag door de goedheid en genade van God dagelijks beter te begrijpen. Voor zo iemand worden fouten geen zonde meer genoemd, omdat hij geen zondaar meer is, maar een kind van God.

zondag 6 december 2015

Voor eeuwig in het licht

1Johannes 1:5
'En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben en u verkondigen: God is licht en in Hem is in het geheel geen duisternis.'

Het licht kan geen gemeenschap hebben met de duisternis. Dat is onmogelijk. Dat was de reden dat er een voorhangsel was aangebracht tussen het heilige, waar de priesters mochten komen en het heilige der heiligen, waar de troon van God – de ark met het verzoendeksel – stond. Zolang Jezus niet was gekruisigd als Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt, bleef dit voorhangsel bestaan. Maar toen het voorhangsel scheurde tijdens de kruisiging van Jezus, werd de weg naar God geopend. Door het bloed van Jezus is elke zondaar die zich heeft bekeerd, schoon en rein voor God voor eeuwig. Onze plaats is geworden in Christus. We zijn voor eeuwig in het licht, het licht waarin geen duisternis is. Als we zondigen, blijven we in het licht, want het bloed van Jezus reinigt ons en houdt ons zuiver. Wanneer we worden aangeklaagd, mogen we belijden wat we geloven: we zijn voor eeuwig in het licht en wie zal veroordelen wat God heeft gerechtvaardigd? In Hem is in het geheel geen duisternis en wij zijn in Hem voor eeuwig.

zaterdag 5 december 2015

Een andere wereld

Mattheüs 7:5
‘Huichelaar, doe eerst de balk uit uw oog weg, dan zult gij scherp kunnen zien om de splinter uit het oog van uw broeder weg te doen.’

Als je erop let, dan wordt er voortdurend geoordeeld. De media willen weten wat de mening is van de kiezers op een besluit van de regering. Elke dag enquêtes en bevolkingsonderzoeken, kijkcijfers en de mening van al dan niet deskundigen over van alles en nog wat. Het lijkt wel of we overal een mening over moeten hebben en alles moeten beoordelen. Dat komt doordat de wereld leeft onder het systeem van goed en kwaad. Wetten en regels regeren het leven, je doet het goed of fout. Maar Jezus leert ons om niet te oordelen, niet over de ander en niet over jezelf. Het hele oordeel over ons leven heeft Jezus op zich genomen. Daarom is er voor ons geen oordeel meer en zeker geen veroordeling. Bij de overspelige vrouw mochten de mensen zonder zonde de eerste steen werpen, er was er niet een, iedereen liep weg. Jezus zei: ‘Ook ik veroordeel je niet.’ Oordelen is Gods zaak en Hij heeft het oordeel aan Jezus gegeven. Op grond van Zijn offer zijn we vrij van veroordeling en schuld. Ten opzichte van elkaar zijn we genadig, zoals God in Christus ons genadig is. Wat zou de wereld er anders uitzien als het oordelen stopte en er alleen nog genade zou zijn.

vrijdag 4 december 2015

Gehoorzaamheid des geloofs

Romeinen 1:5
‘.. door wie wij genade en het apostelschap ontvangen hebben om gehoorzaamheid des geloofs te bewerken voor zijn naam onder al de heidenen,’

Over wie schrijft Paulus hier? Hij heeft het over ‘door wie’ en ‘voor zijn naam’. Het is overduidelijk dat de boodschap die Paulus brengt over Jezus gaat. Over de kracht van Zijn opstanding, over Zijn genade en ontferming, Zijn liefde voor alle mensen. Maar Paulus schrijft hier ook over gehoorzaamheid en dat is onder de genade een woord waarbij je moet opletten. Want je krijgt geen genade omdat je gehoorzaam bent, maar omdat je gelooft wat God zegt over Jezus en over Zijn genade. En dat is dan ook precies wat het betekent. Gehoor geven aan wat je mag geloven. Het geloof is uit het horen schrijft Paulus een paar hoofdstukken verder. Wie gehoor geeft aan het evangelie van God over Zijn Zoon, hoeft niets te doen dan te geloven dat het waar is. Geloven dat al je zonden zijn vergeven en voorgoed weggedaan. Geloven dat er geen scheiding meer bestaat tussen jou en Gods liefde. Dat zelfs de zonde die je misschien nog doet in je leven dat niet kan veranderen. Je bent dichtbij gebracht door Christus. Vroeger mochten de priesters van Israël in het heilige komen, wij hebben vrijmoedig toegang tot het heilige der heiligen door het offer van Christus. Iedereen die denkt te moeten werken aan zijn heiligheid, doet afbreuk aan het offer van Christus. Hij heeft ons geheiligd en gerechtvaardigd voor eeuwig. Wie dat vasthoudt als de waarheid wandelt in gehoorzaamheid des geloofs.

donderdag 3 december 2015

Allemaal even rijk in Christus

Jacobus 2:5
‘Hoort, mijn geliefde broeders! Heeft God niet de armen naar de wereld uitverkoren om rijk te zijn in het geloof en erfgenamen van het Koninkrijk, dat Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben?’

Iedereen is even rijk in Christus. Maar wie veel geld heeft, krijgt in de wereld meer aanzien dan een arme. Dat moet onder Gods kinderen niet zo zijn, legt Jakobus uit. Kijk naar Gods genade en besef dat elk mens even leeg staat tegenover God. Veroordeel een arme niet omdat hij arm is en bevoordeel een rijke niet omdat hij rijk is. Wie dat wel doet, gedraagt zich als de rechter van de ander. Het valt niet mee om vernieuwd te worden in je denken als dat tegen de normen van de wereld ingaat. Toch is dat wat Jakobus wil benadrukken. We leven niet meer onder de wetten van goed en kwaad, succes of mislukking. We leven binnen Gods koninkrijk als gelijken. God kent geen aanzien des persoons. Zijn liefde is voor iedereen even groot en iedereen is even rijk omdat we verbonden zijn met Gods schatkamers. Door het geloof hebben we toegang tot alle genade, alle rijkdom, alle zegen, alle wijsheid, alle liefde. Die volheid heeft God ons geschonken in Christus. We zijn geliefde broers en zussen van elkaar, geliefde kinderen van de Vader.

woensdag 2 december 2015

Aan de wijnstok draag je vrucht

Johannes 15:5
'Ik ben de wijnstok, gij zijt de ranken. Wie in Mij blijft, gelijk Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen.'

Toen de verloren zoon met zijn erfenis vertrok van huis, verliet hij de plaats waar gold ‘al het mijne is het jouwe’. De tekst van vandaag is net zoiets. Wanneer we beseffen dat we deel van de wijnstok zijn, dragen we veel vrucht. Maar buiten de wijnstok, dus in eigen kracht, kunnen we niets doen. Het is Gods genade die voorzien heeft in Christus. Met Hem heeft de Vader ons alle dingen geschonken. Blijf in Mij, zegt Jezus, dan komt de vrucht vanzelf. En er zal steeds meer vrucht komen, naarmate de tijd verstrijkt en je meer begrijpt van je rijke positie in Christus. De landman tilt je op als je op de grond in de modder ligt, zodat de rank tot volle bloei komt. Helaas is dat vertaald met ‘snoeien’ en ‘wegnemen’, alsof je wordt weggeknipt wanneer je een fout maakt of blijft maken. Nee, Jezus zegt: ‘Als je valt, til ik je weer op, zodat je meer vrucht draagt en tot volle bloei komt.’

dinsdag 1 december 2015

Wederkerige liefde

Hooglied 6:3
‘Van mijn geliefde ben ik en van mij is mijn geliefde, die te midden der leliën weidt.’

Het loflied op de liefde is het Hooglied. Maar het is geen platte liefde tussen twee mensen die hierin wordt bezongen, het gaat hier om de liefde van Jezus voor Zijn geliefde bruid. Je ziet in dit vers van vandaag zo prachtig de gelijkwaardigheid verwoord. Ik ben van jou en jij bent van mij, dat is wat God ons zeggen wil. We worden aangesproken als geliefde, dat is wat we moeten weten. We zijn geliefd, we ontvangen liefde en kunnen die liefde geven. Wederkerigheid tussen God en mensen, dat is het hart van God. Jezus kwam Gods hart openbaren op aarde. Hij heerste niet, maar diende. Hij nam niet, maar gaf. Zo mogen we van elkaar genieten. God geniet van ons als wij van Hem genieten en andersom. Temidden van de leliën, dat wil zeggen temidden van lippen die druipen van mirre. Een welriekende geur van liefde, de geur van Christus die zegt: Ik heb je lief mijn geliefde.